05-06-19 – Existentie en zingeving in de GGZ

Existentie en zingeving in de GGZ (2)
Over menselijk lijden, (on)macht en professionaliteit

Intro

Als hulpverleners in de geestelijke gezondheidszorg worden we onvermijdelijk geconfronteerd met existentiële- en zingevingsvraagstukken van zowel de cliënt, diens naasten als van onszelf als hulpverleners. Tijdens ons eerste congres over ‘Existentie en zingeving in de GGZ’ dat wij in 2018 organiseerden werd gepleit voor een integrale benadering van de cliënt en diens omgeving, met expliciete aandacht voor de existentiële en zingevende dimensies. Er was ook aandacht voor onze eigen professionele attitude en vaardigheden ten aanzien van deze vraagstukken: hoe goed zijn wij als hulp- en zorgverleners in staat om bij te dragen aan het vinden van een antwoord hierop? En hoe gaan we dan concreet te werk?

Aandoeningen van de geest, zoals deze in de GGZ aan de orde zijn, kunnen de betrokkenen ernstig ontwrichten en desoriënteren. De grond zakt dan onder hun voeten vandaan: wie ben je nog, waarom overkomt je dit, hoe moet het verder, wat zit er nog in het vat? Zaken waar we gewoonlijk tamelijk zeker van zijn, inclusief onszelf, zijn op losse schroeven komen te staan. Existentiële vragen gaan amper over de harde oorzaken of waterdichte verklaringen van aandoeningen en ook niet over ziektebeelden, maar veel meer over betekenissen, duidingen en belevingen. En die zijn ‘zacht’, heel persoonlijk, ze houden het leven dat je te leven hebt bij elkaar, geven het een rode draad (zin) en bieden er een min of meer samenhangend verhaal over. Daarom gaat het uiteindelijk om existentiële of levensvragen: hoe valt er hier (goed) te leven?

Maar op dit existentiële terrein gebeurt meer dan alleen duiden en betekenis geven. Dat ‘meer’ heeft veel te maken met spiritualiteit – kracht, moed, troost en bijvoorbeeld dankbaarheid, gevoed in rituelen, gebed en symbolen – maar of dat ook een taak behelst voor de professionals hangt af van hun precieze vakgebied en vooral van hoe breed of smal zij psychiatrische zorg opvatten. Heel de psychiatrie heeft een dubbel perspectief: enerzijds het biologisch-medische en anderzijds dit existentiële en zingevende.

Het thema ‘Existentie en zingeving in de GGZ’ leeft onder GGZ-hulpverleners, zo bleek. Dit vormt nu de aanleiding om een tweede congres over dit thema te organiseren, waarbij een aantal onderwerpen nader zal worden uitgewerkt.

We starten de dag met het zoeken naar een beter begrip van het lijden van de cliënt die zich tot de geestelijke gezondheidszorg wendt. Wat is de essentie van dit lijden? En hoe kunnen we dit lijden diepgaand begrijpen? Voorts zal worden ingegaan op ervaren macht en onmacht van hulpverleners in de omgang met het lijden van de cliënt, en hiermee samengaande existentiële en zingevingsvragen. De cliënt doet met deze vragen een niet te negeren appél op de hulpverlener, maar hoe (on)machtig voelt de hulpverlener zich om een adequaat antwoord te bieden en wat kan hij of zij eigenlijk met die onmacht?  Vervolgens zullen meerdere sprekers ingaan op mogelijkheden van hulpverleners om een zo passend mogelijke respons te bieden op zingevingsvragen van cliënten. Daarbij dient er allereerst aandacht te zijn voor zelfreflectie van de hulpverlener (hoe verhoud ik mij relationeel tot deze cliënt?), om vervolgens te bezien wat er feitelijk aan de cliënt geboden kan worden: in woorden, in daden (waaronder ook symbolisch handelen en rituelen) en in aanwezigheid.

We verwachten in navolging van ons eerste congres wederom een inspirerend programma aan u te kunnen presenteren!

Het volledige programma vindt u hier.