POH-GGZ

NVvPO en LV POH-GGZ werken samen

Terug naar nieuws overzicht

De huidige cao Huisartsenzorg loopt 31 december 2020 af. De besturen van de NVvPO en de LV POH-GGZ zijn een akkoord overeengekomen dat Frits Henstra, cao-onderhandelaar van de NVvPO, vanaf 1 juni ook de belangen van de leden van de LV POH-GGZ meeneemt aan de onderhandelingstafel cao Huisartsenzorg. Binnenkort gaan werkgevers- en werknemerspartijen in de huisartsenzorg met elkaar in gesprek om te komen tot nieuwe collectieve arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2021.

Samen maken we het verschil
De NVvPO is sinds 2011 een volwaardige gesprekspartner aan de cao-tafel voor de cao Huisartsenzorg. Onder deze cao vallen ongeveer 23.000 medewerkers in de eerstelijns gezondheidszorg; huisartsenzorg en gezondheidscentra. Door de samenwerking tussen de NVvPO en de LV POH-GGZ worden de belangen van alle Praktijkondersteuners Huisartsenzorg (breed), de Praktijkverpleegkundige en de (toekomstige) Praktijkverpleegkundige Huisartsenzorg nog beter behartigd. De NVvPO onderhandelaar nam altijd al de belangen van de POH-GGZ mee in haar overwegingen, per 1 juni wordt dit extra bekrachtigd door de samenwerking met de LV POH-GGZ.

Goed beslagen ten ijs
Om cao-onderhandelaar Frits Henstra goed te voeden met wat leden belangrijk vinden in arbeidsvoorwaarden, zijn beide verenigingen met elkaar in gesprek. Tevens raadplegen zij hun achterban middels enquêtes om een goed beeld te krijgen wat leden belangrijk vinden in nieuwe arbeidsvoorwaarden en waarop ingezet moet worden tijdens de onderhandelingen.

Petra Portengen (directeur/voorzitter NVvPO): ‘Door intensiever en daadwerkelijk samen te werken, kunnen we de praktijkondersteuner nog beter positioneren en samen de ontwikkeling van de praktijkondersteuner hoog op de agenda houden’.

Kawa al Ali (voorzitter LV POH-GGZ): ‘Doordat we zij aan zij in de huisartsenpraktijk werken spreekt het voor zich dat we ook bij het vertegenwoordigen van gemeenschappelijke belangen gezamenlijk optrekken. Informeel trekken de vereniging van ondersteunende functies in de huisartsenzorg de afgelopen jaren steeds meer samen op en is dit een logisch vervolg daarvan. We zien uit naar een verdiepende fase van samenwerking waarin we elkaar, en daarmee de positie van onze achterban, versterken’.